Stekjesvensterbank tijdens Tentoonstelling Ongetemd in MIJ – Museum IJsselstein | staat even “on hold”

In verband met richtlijnen van het RIVM omtrent het coronavirus is Museum IJsselstein in elk geval tot eind maart gesloten.

Lees meer op de website van MIJ

 


Stekjesvensterbank

Wij vinden het enorm leuk dat deze stekjes en zaden van inheemse planten tijden Ongetemd ook voor een klein prijsje te koop zijn in Museum IJsselstein.  Neem deze kans waar om je eigen tuin wat “wilder” en natuurlijker te maken, en daar breng je gelijk meer leven in je tuin.

Inheems plant in de kruidentuin: grote kaardebol met hommel

De stekjes zijn te vinden in de Stekjesvensterbank in ’t Koffiehuis en ’t Lokaal. Zakjes zaden van diverse inheemse planten zijn te vinden bij de ansichtkaarten in de hal.  Vrijwilligers van Eetbaar IJsselstein zijn in het weekend regelmatig bij de Stekjesvensterbank te vinden om meer informatie te geven over de planten.

Inheemse planten

In de tuinen van Eetbaar IJsselstein staan een 40-tal inheemse planten. Een overzicht van deze planten vindt u hier.  Daarbij hebben wij een voorliefde voor eetbare planten, dus de meeste van de planten op dit overzicht zijn dan ook eetbaar. Soms alleen de bloemen, soms ook de bladeren of zoals bij de Teunisbloem de hele plant.

Meer weten over de planten?

Tijdens de tentoonstelling, in het weekend, zijn Agnes, Margriet en Clarie van  Eetbaar IJsselstein regelmatig te vinden bij de Stekjesvensterbank om meer te vertellen over de planten. Op vrijdagmiddag van 15-17 zijn we te vinden in de Historische Kruidentuin, om de hoek van het Museum, bij Walkade 10 het trapje naar beneden.

 

ONGETEMD – Toekomstbeelden van mens en natuur | tentoonstelling in MIJ – Museum IJsselstein | GESLOTEN TOT EIND MAART

In verband met de richtlijnen van het RIVM omtrent het coronavirus is Museum IJsselstein in elk geval tot eind april gesloten.

 


Tentoonstelling in MIJ – Museum IJsselstein

van 7 maart – 31 mei 2020

 Van de website van MIJ:

“Op 7 maart opent de nieuwe expositie, Ongetemd – Toekomstbeelden van mens en natuur. Laat natuur zich temmen? Museum IJsselstein onderzoekt dat de komende maanden in deze tentoonstelling.

Werken van de deelnemende kunstenaars verleggen je blik, en zetten de – vaak ongemakkelijke – omgang van de mens en zijn omgeving in een ander perspectief.

Over Ongetemd

Regelmatig wordt er over cultuur en natuur geschreven als twee entiteiten die lijnrecht tegenover elkaar staan. Vooral in een van oudsher aangeharkt land als Nederland. Zo probeert de mens tot op de dag van vandaag de natuur te beïnvloeden, temmen, inperken en naar haar hand zetten. Maar laat de natuur dat wel toe? Misschien laat zij zich wel nooit volledig beheersen.

Lees verder op de website van MIJ

Meer leven in je tuin met inheemse planten & Stekjesvensterbank 

Eetbaar IJsselstein is gevraagd door MIJ om mee te werken met deze tentoonstelling, en wij doen dat met het belichten  EN het beschikbaar maken van allerlei Inheemse planten via de Stekjesvensterbank in het museum.

Historische Kruidentuin in volle bloei (juni)

Over Inheemse planten

Inheemse planten hebben zich sinds de laatste ijstijd al duizenden jaren samen met de plaatselijke fauna tot een rijk, biologisch divers systeem ontwikkeld. Plant en dier zijn daardoor heel goed op elkaar ingespeeld. Vroeger waren inheemse planten ook met recht “ongetemd” te noemen – we noemen ze ook wel “wilde planten”.  Ze waren overal te vinden, langs slootkanten, in weides, in bermen en zorgden voor hun eigen verspreiding, afgestemd op het lokale klimaat. Maar gaat dat nog steeds op? Zo’n 40% van onze wilde plantensoorten is inmiddels bedreigd en staat op de Rode Lijst, en dat in relatief korte tijd.

Het ecologische systeem onder druk

Er is van alles gaande. Het “aanharken” van de natuur door de mens lijkt doorgeslagen. Het gebruik van giftige bestrijdingsmiddelen, bezuinigingen op groenbeheer, klimaatverandering, particulieren die hun tuinen grotendeels betegelen, verzilting van de bodem, om maar wat te noemen. Wetenschappers zeggen dat het zo lang door de natuur opgebouwde ecologische systeem onder druk staat en eigenlijk al niet meer werkt.

Wat kun je zelf doen?

koninginne-page-IMG_0003
De grootste vlinder die je in Nederland kunt spotten: de Koninginnepage

Is het tij nog te keren?  En wat kun je zelf doen? Bij Eetbaar IJsselstein houden we van een praktische aanpak en bijdragen aan wat je zelf kunt doen. Wij weten uit eigen ervaring met onze twee tuinen dat inheemse planten meer leven in een tuin brengen.  En het leuke is dat ze zelf voor uitbreiding zorgen en makkelijk te onderhouden zijn.  We hebben zo’n veertig tal inheemse soorten staan die allerlei vlinders, bijen, hommels, libelles en vogels aantrekken. De Historische Kruidentuin is bijvoorbeeld onderdeel van het Vlinderpad Nieuwpoort en in de Hooghe Camp tuin hebben wij zelfs de Koninginnepage (de grootste vlinder die te vinden is in Nederland) kunnen fotograferen.  Van de planten maken wij stekjes en zakjes zaden beschikbaar met onze vrijwillige tuinvrouwen. Daartoe beheren en onderhouden we onze tuinen op biologische wijze, verzamelen we zaden, maken deze schoon en verpakken deze, en potten wij stekjes op.  Dit verkopen wij bijvoorbeeld tijdens stekjesmarkten.

Stekjesvensterbank

Wij vinden het enorm leuk dat deze stekjes en zaden van inheemse planten tijdens  Ongetemd ook voor een klein prijsje te koop zijn in Museum IJsselstein.  Neem deze kans waar om je eigen tuin wat “wilder” en natuurlijker te maken, en daarmee breng je gelijk meer leven in je tuin.

De stekjes zijn te vinden in de Stekjesvensterbank in ’t Koffiehuis en ’t Lokaal. Zakjes zaden van diverse inheemse planten zijn te vinden bij de ansichtkaarten in de hal.  Vrijwilligers van Eetbaar IJsselstein zijn in het weekend regelmatig bij de Stekjesvensterbank te vinden om meer informatie te geven over de planten. (Op vrijdagmiddag van 15-17 zijn er vrijwilligers in de Historische Kruidentuin, om de hoek van het museum, bij Walkade 10 het trapje naar beneden.)

 

Activiteiten aansluitend bij Ongetemd

Deze activiteiten vinden plaats in MIJ – Museum IJsselstein. U kunt zich aanmelden via het museum.

Tuinvrouwen van Eetbaar IJsselstein verzorgen:

Weggeefgroen

Naast de Stekjesvensterbank van Eetbaar IJsselstein, geeft Museum IJsselstein een plek aan Weggeefgroen, georganiseerd door Klimaatneutraal IJsselstein. Heb je planten over (binnen- of buitenplanten), breng ze dan naar dit plantenasiel. Wil je graag een plant “adopteren”? Kom dan planten halen. Lees meer op de website van Museum IJsselstein.

Oproep

Voor bij de stekjes in de Stekjesvensterbank zoeken we nog schoteltjes (zonder kopje). Heb je schoteltjes over? Wij zijn er blij mee!

De schoteltjes kunnen vanaf 2 maart op woensdag – zondag tussen 13-17 uur naar Museum IJsselstein, Walkade 2-4 gebracht worden. (N.b.: je krijgt de schoteltjes niet retour).

Ook zoekt MIJ nog naar bloempotten of – potjes.

 

Tuin Judaspenning – aantrekkelijke vlinder- en bijenplant

Tuin  Judaspenning

Lunaria annua

Tweejarige, inheemse  plant. Soort uit de kruisbloemenfamilie. Aantrekkelijk voor vlinders, zoals het oranjetipje. Bijenplant. De plant staat ook bekend om de mooie, doorschijnend parelmoerachtige tussenschotten van de hauwtjes met zaden.

  • Standplaats: zon of half-schaduw
  • Hoogte: 60-80 cm
  • Zaaien: in juni-juli
  • Bloeitijd: mei-juni

Vermeerdering: opkweken uit zaad. De plant zaait zich gemakkelijk uit.

Eetbaar:

de paarse bloemen zijn eetbaar.

Wilde cichorei –

Wilde cichorei

Scabiosa columbaria  

Cichorei is een prachtige tweejarige, inheemse plant met opvallende blauwe bloemen.

Staat in de top 100 van bijenplanten.

  • Standplaats: zonnig, liefst kalkrijk
  • Hoogte: 30-120 cm
  • Bloeitijd: juli-augustus
  • Zaaien: april – juli ter plaatse

De gemalen wortels werden, vooral in de negentiende eeuw en in de periode van de Tweede Wereldoorlog, als koffiesurrogaat gebruikt vanwege het hoge gehalte aan inuline.

De jonge cichoreibladeren hebben een licht bittere smaak en kunnen in het voorjaar worden gebruikt in salades. Ook kunnen ze gekookt worden gebruikt. Ook de bloeistengels kunnen gekookt gebruikt worden.

Medicinale eigenschappen.

Paarse morgenster – leuk in border met natuurlijke uitstraling

Paarse Morgenster

Tragopgon porrifolius

Tweejarig, inheems kruid. Groeit in het wild in graslanden en langs wegbermen en zijn redelijk zeldzaam. De grote bloemhoofden openen bij zonsopgang en sluiten in de middag. Kan gemakkelijk in de tuin worden gekweekt. Leuk in borders met een natuurlijke uitstraling.  Goede bijenplant.

Standplaats: in de zon.

Hoogte: tot 120 cm

Bloeitijd: juni-juli. Vormt daarna zaden in een grote pluizebol, die lijkt op die van een paardebloem maar dan groter.

Vermeerdering: opkweken uit zaad. Zaait zichzelf uit. Voorzaaien in maart-april of zaaien in de volle grond in mei-juni. De plant is tweejarig: het 1e jaar wordt een rozet gevormd, in het 2e jaar is de bloei.

Eetbaar

In de middeleeuwen werden de wortels, gekookt en met boter, gegeten op de manier van pastinaak. De jonge stelen werden net zo klaargemaakt als asperges. De wortels van de plant hebben een hoog inulinegehalte, wat ze heerlijk zoet maakt.  De paarse morgenster is een vergeten vergeten groente, een vergeten groente waarvan men niet meer weet dat het ooit een groente was.

 

Hemelsleutel – een fijne bijenplant

Hemelsleutel

Sedum telephium  

Meerjarige, inheemse plantensoort uit de vetplantenfamilie. De bovengrondse delen sterven in de winter af en komen in het voorjaar weer. In het wild een bermplant.

Bijenplant. Zit vaak in bijenmengsels met vaste planten.

  • Standplaats: voedselrijke, zanderige grond, niet te droog
  • Hoogte: 60 cm
  • Bloeitijd: juli-augustus-september
  • Zaaitijd:  bij voorkeur in nazomer of voorjaar

De zaden van deze koudekiemer moeten eerst vocht op kunnen nemen in een warme periode (2 tot 5 weken). Daarna doorbreekt een periode van kou (tussen +5 tot -5 °C) de kiemrust. De natuurlijke winteromstandigheden zijn meestal het meest effectief voor het doorbreken van de kiemrustperiode.

Ook makkelijk te delen via de wortelknollen.

Eetbaar:  niet eetbaar.

Medicinaal: samentrekkend, verwekkend, wondhelend en wondreinigend.

 

Wilde marjolein – een aromatische, inheemse vaste plant

Wilde marjolein

Origanum vulgare

Aromatische, vaste, inheemse plant. Aantrekkelijk voor vlinders en trekt bijen aan.

  • Standplaats: groeit makkelijk op elke grondsoort, houdt van een zonnige plaats
  • Hoogte: 30-60 cm
  • Zaaien:  mei-juli in de volle grond
  • Bloeitijd: juli- september

Vermeerdering: opkweken uit zaad of scheuren. De plant zaait zich gemakkelijk uit.

Marjolein heeft zowel culinair als medicinaal (antiseptische en kalmerende eigenschappen) een lange geschiedenis. Werd vroeger ook wel als strooikruid gebruikt, vanwege de aromatische geur.  Goed voor kruidenkussentjes en kruidenbaden. Combineert in de keuken goed met tijm en basilicum.

Wilde Marjolein is een indicatorplant – als je de plant in de natuur vindt dan weet je dat er kalk in de bodem zit.

Robertskruid – het stinkt, maar bijen komen erop af

Robertskruid

Geranium robertianum

Inheemse plant in Europa, een- of tweejarig. Te vinden in bijvoorbeeld bossen en onderbegroeiing. De plant ruikt onaangenaam, er wordt wel gezegd dat de geur helpt om muggen op een afstand te houden.

Bijen: wilde bijen en honingbijen komen er op af.

  • Standplaats: schaduwrijke, vochtig. Houdt van zanderige grond.
  • Hoogte: 30-50 cm
  • Bloeitijd: april-november, bloemrijk
  • Zaaitijd:  maart-april

Het mechanisme van zaadverspreiding bij Robertskruid is zeer opmerkelijk. Er ontstaat na bestuiving en bevruchting boven het vruchtbare bolvormige deel van het vruchtbeginsel een languitgegroeide snavel met een centrale spil, die nog verlengd is met de stijl met de stempels. De plant wordt daarom ook wel vogelbek genoemd. Wanneer nu de vrucht na rijping uitdroogt scheuren de repen (ook wel naalden genoemd) van de snavel met een deelvrucht los van de centrale middenzuil. Deze vruchten, in het geval van Robertskruid dopvruchten worden door de kracht van dat proces losgerukt en ze springen los en worden verspreid.

Eetbaar:  de bloemetjes en het blad zijn eetbaar (smaken bitter).

Medicinaal: de aloude toepassing bij diabetes is bevestigd door modern onderzoek, dat heeft bewezen dat de plant het bloedsuikergehalte verlaagd. Kan ook gebruikt worden om mee te spoelen of voor oogcompressen.

Look-zonder-look

Look-zonder-look

Alliaria petiolata 

Look-zonder-lookTweejarig, inheems kruid. De wortel ruikt sterk naar uien (look). Ook een gekneusd blaadje ruikt ernaar. De plant heeft echter geen ui maar wortels en hoort ook niet bij de ui familie maar bij de familie van de Brassicaceae, de kruisbloemigen.

Nectarplant voor vlinders.

  • Standplaats: houdt van vochtige, zandige grond en een schaduwrijke plek
  • Hoogte: 20-100 cm
  • Bloeitijd: april-juni
  • Zaaitijd:  mei-juli; zaden afdekken met dun laagje grond

Look-zonder-look is, net zoals judaspenning, pinksterbloem en damastbloem, een waardplant van het oranjetipje, een vlinder uit de familie van de witjes, waarvan het mannetje opvallende oranje uiteinden aan zijn vleugels heeft. Ook is het een waardplant voor het kleine koolwitje en het kleine geaderd witje. In april 2020 hebben wij een oranjetipje gespot in de Historische Kruidentuin. 

Groot koolwitje en look-zonder-look

Eetbaar:  het is een van de oudste keukenkruiden. In de middeleeuwen werd het als kruid gebruikt in plaats van knoflook of ui.

Het jonge blad is te gebruiken in lente- of zomersalades, pesto of kruidenboter. Ook de bloemetjes zijn eetbaar. Gekookt kan het jonge blad als smaakversterker gebruikt worden in omelet of quiche. Ouder blad wordt wat bitter. Gedroogd blad of zaad kan het hele jaar door gebruikt worden. Ook te gebruiken in sauzen of stoofpotten.  De zwarte zaden kun je na de bloei oogsten en kunnen ook als smaakmaker gebruikt worden.

Meer tips over wildplukken en de eetbaarheid

Look-zonder-look quiche

Medicinaal: werd inwendig onder andere gebruikt als zweetmiddel en bij waterzucht. Bij uitwendig gebruik kan hij de jeuk van insectenbeten verminderen.

Flora van Nederland met determinatie video

 

 

Kleine pimpernel – een sierlijke, vaste inheemse plant

Kleine pimpernel

Sanguisorba minor

Inheemse, vaste plant die op de rode lijst staat als kwetsbaar. Kruid. Hoort bij de rozenfamilie (Rosaceae). Kleine pimpernel is een echte windbestuiver en dat is in de Rozenfamilie een zeldzaamheid. Het is ook een zeldzame plantensoort die als kwetsbaar omschreven op de Rode lijst staat. Elegante, verfijnde plant om te zien.

  • Standplaats: zonnig, kalkrijke grond
  • Hoogte: 15-60 cm
  • Bloeitijd: mei-september
  • Zaaien: maart-april of juli-september

Eetbaar:

In Angelsaksische landen worden de jonge blaadjes ook gebruikt in salades. Ook werden de blaadjes in wijn gebruikt om de wijn smakelijker te maken. De bladeren van pimpernel kunnen zowel vers of gedroogd worden gebruikt. Pimpernel smaakt pittig, een beetje nootachtig en heeft een sterke komkommersmaak. (Niet goed om te gebruiken bij gal- of leverklachten).

Medicinaal: bloedstelpende eigenschappen.