Bloemenzee in Wageningen en Ede – idee voor IJsselstein?

Een brede strook bloemen langs de akkers is goed voor vogels, vlinders en insecten, aldus de gemeenten. Bovendien verfraaien deze stroken het aanzicht van de gemeenten. Daarom werken deze gemeentes samen met lokale boeren om dit te realiseren.  Lees meer over dit mooie project in dit bericht.

Voor IJsselstein zou dit ook een prachtig idee zijn, vooral als er ook nog eetbare bloemen gebruikt worden!

 

 

 

Tuinmelde (Rode)

De Rode Tuinmelde is een opvallende eetbare sierplant in elke tuin vanwege de dieprode kleur die de plant krijgt. Dit geeft een mooi accent tussen het groen. De plant zaait zichzelf gemakkelijk uit. Dat is niet zo erg, want hij is ook makkelijk te verwijderen. Het is wel handig de plant weg te halen zodra de zaden rijp worden. De plant is tegen die tijd ook minder mooi.

Tuinmelde (Atriplex hortensis var. rubra) (ook wel melde genoemd) groeit overal en vraagt niet veel bemesting, is sterk  en wordt 150 cm hoog. De plant is eenjarig. Wordt ook wel als sierplant gebruikt. De plant gedijt in koude en humusrijke, niet-kalkhoudende grond. Zij kan niet goed tegen warmte of droogte. De plant schiet uit als zij te weinig water krijgt. Een laagje mulch rond de plant en goed schoffelen is aan te raden. Af en toe de uiteinden toppen geeft dikkere stelen. Wisselteelt is belangrijk: pas na 3-4 jaar weer op dezelfde plaats zetten. Er bestaat ook blonde tuinmelde en Brave Hendrik is verwant aan de tuinmelde.

Gunstige buren

aardappel, koolsoorten, radijs, tomaten

Vermeerderen

Vanaf maart kun je Tuinmelde buiten zaaien, op rijen van 30 cm. van elkaar. Vanaf half februari binnen voorzaaien. Bedek de zaden slechts met 1 cm aarde en druk die vervolgens goed aan. Dun de zaailingen uit tot op 30 cm, wanneer ze 4-5 bladeren hebben.

Om steeds jong blad te oogsten moet je vaker achter elkaar zaaien. (De plant schiet snel uit.)

Oogsten

Tuinmelde is al 4 weken na de zaai te oogsten. Je kunt tot oktober oogsten. Je kunt de bladeren van de steel plukken. Als je te veel planten hebt, kun je ook de hele plant afsnijden als zij 20 cm hoog is en daarvan alle bladeren oogsten.

Je kunt ook zaad oogsten door enkele stengels te laten staan om in bloei te laten komen. Laat de zaden rijpen. Snijd daarna de stelen af en laat de stelen op een beschutte plek drogen.

Tips voor gebruik:

In de keuken

  • de bladeren verleppen snel en moeten dus zo snel mogelijk na het plukken gebruikt worden
  • het blad van Tuinmelde kan gegeten worden als spinazie
  • jonge bladeren kunnen rauw gebruikt worden in een salade
  • de bladeren worden vaak gemend met de bladeren van zuring om het zure daarvan te compenseren

Medicinaal

  • laxerend
  • vitaliserend
  • een papje van de bladeren werkt verzachtend op insectenbeten
  • kompres tegen een jichtaanval: bladeren opgewarmd met azijn, honing en zout

 

 

Grote engelwortel

Grote engelwortel (Angelica archangelica) is een twee- tot meerjarig kruid. Het is een aromatische, geneeskrachtige plant met grote bolvormige, groenachtig- witte bloemschermen. De stengels zijn hol. De bloemen trekken heel veel insecten aan. Op een zonnige standplaats met lichte schaduw gedijt de plant goed, zeker als de grond vochtig en voedzaam is, liefst licht zuur.  Grote engelwortel kan tot 2 meter hoog worden. Het is een sterke plant die geen speciale verzorging nodig heeft. De plant is goed bestand tegen de kou. (De gewone engelwortel, Angelica sylvestris) is een verwante soort die wel in het wild wordt aangetroffen. Medicinaal is hij minder krachtig.)

Vermeerderen

De plant is makkelijk te kweken door scheuren, uitplanten of zaaien.

Vanaf maart kan Grote engelwortel gezaaid worden.  Als je zelf zaad oogst, kun je dit het beste direct weer uitzaaien, in de herfst, of anders in het vroege voorjaar. De kiemkracht van het zaad loopt snel terug. Verplant de zaailingen als ze nog klein zijn, anders is het resultaat minder goed.

Na de bloei sterft de plant af. Als je de bloemen verwijdert vlak voordat ze rijp zijn, dan gaat de plant nog een jaar. mee. 

Oogsten

Grote engelwortel bloeit in juni-juli, dat is ook de tijd om de stengels te plukken, hoewel dat ook in april en mei kan. Het blad kun je in mei of juni oogsten.  Oogst van de wortels kan in de herfst van het tweede jaar. De wortels kunnen het beste droog op een beetje warme plaats, in blikken, bewaard worden. In gedroogde vorm behouden wortel en blad jarenlang hun geneeskracht en kun je er kruidenthee of een aftreksel van maken.

Tips voor gebruik:

In de keuken:

  • Dit kruid is zoeter dan de meeste kruiden en heeft vele toepassingen in de keuken. Het wordt wel het belangrijkste keukenkruid genoemd.
  • Alle delen van de plant kunnen gebruikt worden vanwege hun geur.
  • De jonge stengels kunnen als groenten gebruikt worden.
  • Engelse gewoonte: vlees zoeten met engelwortel
  • Engelse gewoonte: gesuikerde groene stengels ter versiering op een cake of toetje leggen
  • Met rabarber meekoken waardoor de zurige smaak opgeheven wordt en er een lekker bijsmaakje ontstaat
  • Rauw zijn de stengels ook erg lekker
  • Bladeren kun je als selderij eten
  • In sommige landen worden de wortels als groente gegeten
  • De zaadjes kun je voor de geur (in bijvoorbeeld geurzakjes) of de smaak gebruiken
  • Het zaad wordt in de drankindustrie gebruikt om likeur smaak te geven, zoals Chartreuse. Ook de parfumindustrie past het toe.

Geneeskrachtig:

  • Engelwortel is stimulerend en goed voor de spijsvertering. Ze voorkomt gasvorming in de darmen en werkt tegen oprispingen en winderigheid.
  • Als kruidenthee is het een uitstekend krampwerend middel.
  • Werkt slijmoplossend.
  • Engelwortelolie wordt als massagevloeistof tegen reumatiek gebruikt.

 

Recepten

Aftreksel

20 gram gemalen wortel of 15 gram zaad overgieten met 1 liter kokend water. Hier maximaal 1 kopje per dag van drinken vanwege de sterk stimulerende werking.

 

 

Eetbaar IJsselstein bezoekt Makeblijde voedselbos in Houten

Makeblijde is een prachtige locatie met een architectonisch gebouw dat in een groen architectuurpark ligt. Website: www.makeblijde.nl  En nu wordt er ook een voedselbos aangelegd dat 1 hectare groot wordt en uit diverse zones zal bestaan. In elk stuk wordt weer iets anders aangelegd, afhankelijk van de ligging ten opzichte van zonlicht, wind en omgeving.

Het gaat mooi samen, want in Makeblijde bereiden ze graag eten en drinken dat verse ingredienten heeft. Zo worden er eigen verse sappen geschonken en bijzondere gerechten geserveerd. Het voedselbos zal een keur aan bijzondere vruchten, noten, eetbare bloemen en groenten gaan opleveren.

Het voedselbos wordt aangelegd door Food Forestry Netherlands, onder leiding van Wouter van Eck en Xavier San Giorgi. Zij hebben er al uitgebreide ervaring mee, zoals bijvoorbeeld de aanleg van voedselbos Kralingen in Rotterdam en in Ubbergen bij Nijmegen. Website: www.foodforestry.nl en email: voedselbossen@gmail.com

Op zaterdag 25 januari organiseerde Food Forestry een rondleiding door het voedselbos en wie wilde kon daarna meegenieten van een lunch en meehelpen met houtsnippers verspreiden op diverse plekken in het voedselbos. Quina en Clarie waren erbij.

Er is veel belangstelling voor de rondleiding

Tijdens de rondleiding blijkt dat Wouter en Xavier weten waar ze het over hebben. Enthousiast en deskundig vertellen ze over de nieuwe aanleg en krijgen we veel te horen over de nog jonge aanplant die ze combineren met bijvoorbeeld oude kersenbomen die op het terrein staan. Daarbij kiezen ze voor bijzondere rassen – zo willen ze laten zien dat je behalve kruisbessen, rode, witte en blauwe bessen nog heel veel meer bessenstruiken hebt die goed bruikbaar zijn. Soms wat zuurder, maar de bessen bijvoorbeeld van de Japanse kwee kun je goed als aanvulling gebruiken in een zoete jam om deze meer frisheid te geven. Er staan meerder bomen uit China en Japan in het voedselbos die je zelden tegenkomt in Nederland. Er zijn bijvoorbeeld bomen bij met bladeren met aparte smaken waar in een aantal landen heerlijke recepten voor bestaan, terwijl wij er in Nederland nog nooit van gehoord hebben.

Wouter van Eck bij jonge aanplant

Er wordt ook geexperimenteerd in het voedselbos door bomen van dezelfde soort verschillende omstandigheden te bieden. Ook in dit bos ontbreekt het niet aan combinaties die gemaakt worden tussen bomen, struiken en bijvoorbeeld kruiden die elkaar versterken. Bijvoorbeeld een soort die stikstof produceert bij een soort die suiker produceert, wat ze van elkaar kunnen gebruiken.

Ook de bijenkorven ontbreken niet, voor de bestuiving en ook om de bijen te ondersteunen. Omdat hier straks heel gevarieerde planten, struiken en bomen groeien, ook in opeenvolgende bloeitijden, krijgt de bij een gevarieerd ‘menu’. Dat is toch anders dan 3 weken alleen dezelfde bloesem te kunnen bezoeken in monoculturen. Er wordt ook een heel bloemenveld aangelegd, met veel eetbare bloemen. Zoals de goudsbloem waar de blaadjes van gebruikt kunnen worden in salades, maar die ook medicinale eigenschappen heeft.

     

Kortom, voor Eetbaar IJsselstein een inspirerende rondleiding. We willen zeker nog een keer terugkomen in het voorjaar als de bloeitijd begonnen is. Dan kunnen we gelijk proeven hoe bladeren van de lindeboom smaken – die salade is ons al belooft door de dames die Makeblijde beheren. 

Ron Finley: A guerilla gardener in South Central LA – video

Met een inspirende & grappige video van Ted Talks laat Ron Finley zien hoe makkelijk je grond in je omgeving om kunt vormen naar eetbaar groen:

Capucijner

De capucijner is familie van de doperwt en peul en wordt ook wel velderwt genoemd. Een verse capucijner zit qua grootte tussen een tuinboon en doperwt in en is wat minder zoet dat de doperwt.

Capucijners in de dop lijken een beetje op doperwten in een peul, alleen is de peul bij de capucijner donkerpaars van kleur. De peulen worden ook wel Blauwschokkers genoemd. Deze kunnen tot 2 meter hoog worden. De bloemen zijn ook paars. De capucijners zelf zijn groen. Het is een eenjarige plant. De capucijner heeft weinig last van ziektes.

De capucijner kun je al vroeg in het voorjaar kweken:, langs gaas of andere steun. Soms is wat extra touw nodig voor meer steun. Later zaaien geeft minder opbrengst. Een zonnige plek is wenselijk.

capucijner

Het capucijner zaad (via Bolster, biologisch zaad) staat klaar, met een treetje om het zaad in te doen. Daar hoeven maar 12 zaadjes in, dus er is nog veel over om uit te zaaien.

Het zaad, 1 per potje. Nu nog een dun laagje aarde erover en dan op een lichte, koele plek zetten. Over een week of 2 zal het zaad ontkiemd zijn.

Het zaad, 1 per potje. Nu nog een dun laagje aarde erover en dan op een lichte, koele plek zetten. Over een week of 2 zal het zaad ontkiemd zijn.

Na 10 dagen zijn een aantal zaden al aardig ontkiemd...

Na 10 dagen zijn een aantal zaden al aardig ontkiemd…

diepte bij buiten zaaien: 3-4 cm
(in verband met muizen en vogels die op de zaden af komen)

afstand: 3 cm van elkaar – bij meerdere banen 150 cm tussenafstand nemen

voorzaaien: half – eind januari
(in onverwarmde kamer met licht. Laat de zaailingen bij koud weer wennen aan buiten)

zaaien onder glas: februari

buiten zaaien: maart – april
(eventueel beschermen met net)

oogst: juni – juli 

Bij het uitplanten is het handig om de hoofdwortel wat in te korten, zodat er meer zijwortels gevormd worden. Tot ca. 40 cm. hoogte heeft de capucijner wat bescherming nodig tegen muizen met een net. Op het moment van oogsten zijn de peulen populair bij vogels, ook dan kan een net nodig zijn.

Knoflook en ui zijn slechte buren voor de capucijner.

Oogsten 

Pluk de capucijners pas als de peulen dik en vol zijn. Ze zitten vrij vast aan de plant: je hebt 1 hand nodig om de plant vast te houden, en 1 hand om de peul van de plant af te trekken, anders beschadigt de plant. Je kunt de peulen er ook vanaf knippen.

Je kunt de capucijners een dag of 2 bewaren voor gebruik.Het doppen van de capucijners kun je het best op het laatste moment doen – dit geeft paarse handen. Na het doppen kun je ze ook invriezen.

Doordat de capucijner vrij vroeg in het seizoen geoogst wordt, kan er daarna weer iets anders op de vrijgekomen grond gezet worden.

Zaad winnen: oogst de peulen pas als ze helemaal dik zijn en dor en droog zijn geworden. Je trekt vervolgens de planten in hun geheel uit de grond en laat ze drogen. Na een paar weken kun je de capucijners uit de peulen oogsten en later als zaad gebruiken. Als je de zaden donker, droog en koel bewaard blijven ze ongeveer 3 jaar kiemkrachtig.

Capucijners bevatten veel Calcium, en ook IJzer en vitamine B.

Amarant – vergeten groente – in veel landen een grote voedselbron