Tuin klussen in september

Welke klussen zijn er nog te doen in de Eetbare Siertuin in september?

De zomer loopt ten einde, maar nog niet helemaal. Zeker de laatste jaren is het in september nog vaak mooi weer, met behaaglijke temperaturen. De planten profiteren daar van mee, mits ze genoeg water hebben.

Wat wij doen deze maand:

Oogsten

Deze maand zij er bij ons onder andere kerstomaatjes, gele en rode frambozen, nog wat aardbeien (doordragende), druiven, courgettes en patissons te oogsten. En snijbiet, veel snijbiet. Ook de palmkool is al oogstbaar.

Wat kruiden betreft is de Franse dragon nu het beste te oogsten en te drogen – deze verdwijnt in de winter.  Ook is er nog blad van de knoflook bieslook en bloemetjes.  Salie, laurier en rozemarijn zijn er nog, olijfkruid, majoraan en bonenkruid. De citroenmelisse die eerder in het jaar gesnoeid is staat er nu weer fris bij.

Snoeien

Een aantal kruiden hebben er baat bij om ze wat terug te snoeien, zoals lavendel en bonenkruid.

Ook de Kokardebloem snoeien we terug, ook al staat deze nog in bloei. De plant bloeit al heel lang, en nu snoeien maakt de plant sterker.

Zaden verzamelen

Het leuke van tuinieren is dat je veel planten op een of andere manier zelf kunt vermeerderen. Zaden verzamelen en uitzaaien is een van die manieren. Wij verzamelen ook zaden om deze te verkopen aan andere Eetbare Siertuin liefhebbers en zo wat inkomsten te genereren voor onze tuinen.

In september kun je bijvoorbeeld zaden verzamelen van Cosmea, Knoflook bieslook, Rode zonnehoed, Zonnebloem, Leeuwenbekje, Goudsbloem, Afrikaantjes en Rudbeckia.

Vaste planten delen

Een tweede manier om planten te vermeerderen is het delen van vaste planten. De nieuw verkregen planten kun je desgewenst op andere plekken in de border zetten. Het najaar is een goede tijd om vaste planten die er aan toe zijn te delen. De grond is nog warm, en de nieuw gedeelde plantjes kunnen nog een tijdje verder uitgroeien en wortels vormen voordat het winter wordt.

De meeste vaste planten kun je delen. Het is een goed idee om dat elke paar jaar te doen, en zeker als je ziet dat de plant in het midden kaler wordt. Dat betekent namelijk dat de groeikracht aan het afnemen is. Een vaste plant die een pol vormt groeit vanuit de kern steeds verder uit en als je deze in stukjes verdeelt dan vormt elk deel weer een verse nieuwe plant. Ook bodembedekkers kun je in stukken verdelen.  Het hart van de plant, het oudste deel, wordt niet meer gebruikt omdat dit weinig groeikracht meer heeft. (Struikvormige planten kun je niet op deze manier verdelen.)

Om de plant te delen graaf je deze (ruim) uit en verdeel je deze met behulp van een spa in stukken. Planten met losse wortels kun je soms ook met de hand scheuren.

Kleinere planten kun je ook met een schepje verdelen. Er zijn zelfs speciale schepjes voor met een v-snede.

Van de nieuwe plantjes kun je het beste wat van de stengels en het blad afknippen, dan heeft de plant meer kans om ‘bij te komen’ voordat je ze weer in de grond zet.  Hoe meer blad er aan de plant zit, hoe meer de plant te verzorgen heeft. Dat kost de plant kracht, die nu nodig is om nieuwe wortels te vormen. Het is goed om de eerste tijd na het planten water te geven.

Planten die wij dit najaar delen zijn onder andere vrouwenmantel, phlox, rood duizendblad en geranium.

Natuurfotografe Mirjam Bouwmans in de Hooghe Camp tuin

Natuurfotografe Mirjam Boumans komt regelmatig bij ons langs in de Hooghe Camp tuin in #IJsselstein en maakt dan foto’s van insecten die ze spot. Wij krijgen dan een collage van haar om te plaatsen. Hoe leuk is dat!

1. IJzerhard met hommel – 2. allium tuberosum (chinese bieslook) met kleine vuurvlinder – 3. ijzerhard met gamma uiltje – 4. chinese bieslook met kleine vuurvlinder – 5. ijzerhard met gamma uiltje – 6. zinnia met hommel – 7. zinnia met groot koolwitje – 8. kokardebloem met vlieg – 9. ijzerhard met klein koolwitje

Franse dragon, een van de fijne franse kruiden

Franse dragon

Artemisia dracunculus ‘Sativa’

Franse dragon in de Hooghe Camp tuin, augustus 2020

 

Franse dragon is een aromatisch kruid, in tegenstelling tot de russische dragon, die wel makkelijker te kweken is. Het is een vast plant, maar wel wat vorstgevoelig. Na 3-4 jaar de plant verplaatsen.

De plant houdt van voedselrijke grond. Een zonnige plek is wenselijk. Franse dragon houdt niet van natte voeten. Goede buren in de tuin: lavas en salie.

  • Hoogte: 90-110 cm
  • Oogsttijd: van mei-oktober
  • Vermeerdering: in ons land produceert de plant geen zaad. Vermeerderen door stekken of scheuren kan wel (vanaf 21 maart – juni).

In Frankrijk valt (franse) dragon onder de ‘fine herbs’, samen met kervel, peterselie en bieslook.

Eetbaar:

Het blad is eetbaar en heel aromatisch. Het kan vers toegevoegd worden aan salades, kruidenazijn, kruidenboter en bij het inmaken van augurken. Verder passen de blaadjes goed bij gevogelte, bij vis- en vleesragouts, champignons en in sauzen bij wild en gemarineerd, gebraden vlees. Drogen kan ook, dan verliest het iets aan smaak.

Leeuwenbek – prachtige aquarel kleuren in de tuin – en ook op je bord

Leeuwenbek – Antirrhinum majus – is er in allerlei roodachtige en gele trossen bloemen, soms ook overlopend in één bloem als een klein aquarel schilderijtje en geurt zachtjes. Leeuwenbek hoort bij de weegbree familie. Het is een beetje een ouderwetse bloem – je zag ze in de jaren 60-70 veel in voortuintjes. Overigens is de plant al sinds de middeleeuwen in tuinen te vinden. Best jammer dat je ze niet zoveel meer ziet, want het is een prachtige perkplant. Mooi, fijn blad en een opvallend gevormde bloem – inderdaad, als je in de zijkanten van de bloem knijpt dan opent het bekje zich – net een leeuwenbek.

De plant is er in diverse hoogtes maar wordt nooit heel hoog (van 20 – 100 cm). Hoe meer zon hoe hoger de plant wordt. Het is een eenjarige sierplant (eigenlijk een vaste plant, maar de plant overleeft alleen zachte winters).

Bijen en hommels houden ook van de bloemen – af en toe zie je een hommel helemaal in het bloemetje verdwijnen.

Bloei

Bloeit van juni tot in oktober.  Kan in de zon en half-schaduw staan. Uitgebloeide bloemen verwijderen bevordert de bloei.

Leeuwenbek heeft een lange penwortel waardoor de plant goed tegen droogte kan.

Vermeerderen

Leeuwenbek is makkelijk te zaaien. Ik zaai de plant ook wel voor, om slakken minder kans te geven. Als de plantje groter zijn zijn ze minder aantrekkelijk voor slakken. En na de bloei kun je zelf zaad verzamelen voor het volgende jaar. Bij ons zaait de plant zich niet makkelijk vanzelf uit. De plant houdt van kalkrijke, losse bodems.

Dun zaaien en de zaden lichtjes aandrukken en afdekken met een laagje fijne aarde van ongeveer 1 cm. Water geven en na opkomst, indien nodig, uitdunnen tot op 15 cm van elkaar. Kiemtijd: ongeveer 3 weken.

Gebruik

Leeuwenbek is dus een mooie sierplant voor in de tuin. Daarnaast zijn de bloemen eetbaar, al zijn ze nog niet in veel boeken over eetbare bloemen te vinden. Je kunt er bijvoorbeeld gebak en bonbons mee versieren, een salade of roomkaas. Ook in een ijsklontje staan de bloemetjes heel leuk. Deze laatste tips komen uit “Bloemen met smaak” van Anna Koster, een erg mooi boek over eetbare bloemen.

De bloemetjes zijn niet geschikt om een soep te decoreren omdat de bloemen zinken.

Geschikt als snijbloem.

 

Bekermalva, een prachtige eenjarige uit de kaasjeskruidfamilie

Op dit moment staat de bekermalva ofwel grootbloemige lavatera – Lavatera trimestris – in bloei in de Hooghe Camp tuin, in een verhoogde bak. Tenminste, nog wel, want de plant is over haar hoogtepunt heen. We kunnen de bloei wat verlengen door regelmatig de uitgebloeide bloemen eruit te halen.  De prachtige bloemen zijn behoorlijk groot en de plant bloeit rijk. De plant kan bloeien tot in september.

Deels willen we ook de zaden winnen van deze mooie plant, die zich dit jaar zelf al uitgezaaid had in deze bak. De oorspronkelijke biologische zaden zijn gekocht bij Buzzy Organic. Vanaf half april kan de plant uitgezaaid worden in de volle grond. Kiemt, groeit en bloei snel – je kunt daarom beter niet voor half april zaaien. Voorzaaien en half april uitplanten is ook een optie. Daarnaast is het mogelijk om zomerstekken te nemen.

De bekermalva houdt van een goed doorlaatbare bodem, en dat is in een grote plantenbak beter te realiseren dan in de vette IJsselsteinse klei. Ze staat op deze plek wel iets te veel op de wind, waardoor de plant geholpen moet worden om overeind te blijven. Het is een losse struik, die goed tot haar recht komt met stevige planten eromheen. Ik ga proberen om de bekermalva te zaaien bij de rode zonnehoed in een van de tuinvakken, eens kijken of ze het daar wil doen.

Bekermalva is een snijbloem en trekt bijen en vlinders aan. De plant kan makkelijk in een kuip staan en houdt van een zonnige plek. Bloemen uit de kaasjeskruid familie zijn eetbaar.

Hoogte: 100 tot 120 cm. De plant is niet winterhard maar omdat deze zichzelf uitzaait heb je waarschijnlijk toch het jaar erop weer bekermalva staan.

Bekermalva in de Hooghe Camp tuinIMG-20200623-WA0000

Mooi in lente, zomer en winter – Etagebloem ofwel Phlomis

Een prachtige, sterke en vrijwel onderhoudsvrije plant in de tuin is de Phlomis russeliana.  Vrijwel onderhoudsvrij omdat deze dichte pollen vormt die de bodem bedekken waar bijna geen plant tussendoor weet te komen. Alleen haagwinde ziet nog wel eens haar kans schoon. Ook weet de plant zich in zowel heel droge als heel koude omstandigheden te handhaven.Het is een vaste plant, en de oppervlakte die de plant inneemt wordt langzaam maar zeker groter. Toch is het geen woekeraar. Deze ruimte innemen duurt jaren. Wij hebben de plant nu voor 7de jaar staan, en pas dit jaar begint de plant wel erg uit te dijen en gaan we haar toch een beetje inperken.  De plant staat intussen al 7 jaar mooi & makkelijk te wezen in de kruidentuin en we hebben er weinig omkijken naar.

Alles aan de plant is mooi: het stevige, ruwe en tegelijkertijd mooie blad, de opvallende groeiwijze met de lange rechte stelen met etages met kransen van bloemen. In de bloei is de plant natuurlijk op haar mooist, maar ook als de bloemen uitvallen blijft er een mooie vrucht over. En zelfs in de winter, als de stelen bruin worden, blijven ze een prachtig silhouet geven. Het blad is wintergroen, wat ook fijn is om in die tijd nog groen in de tuin te hebben.  Het blad is behaard – hierdoor voorkomt de plant uitdroging. Op een natte plek is de beharing een nadeel voor de plant.

Phlomis is een goede bijenplant. Veel wilde bijen, hommels en vlinders halen er hun nectar en stuifmeel. De plant is daardoor ecologisch waardevol.

Nederlandse namen: Brandkruid of Etagebloem. De plant wordt ingedeeld bij de geurkruiden. In kruidenboeken is er niet heel veel over te vinden – de toepassingen als kruid zijn gering. Het is meer een sierplant.

Een ook mooie variant is de niet winterharde Phlomis fruticosa. Dit is een struikje met witte, viltige takken die 150 cm hoog worden met dichte kransen helder oranjegele bloemen. Ook zijn er paarsbloeiende planten zoals de Phlomis tuberosa.

83016112_1376945869170048_2935021499409023732_o 104200915_1376946265836675_5975837361097007516_o

104441533_1376946565836645_7315423019787312476_o

Opkweken

Hoogte: 80-100 cm

Standplaats: zonnig, doorlaatbare grond. Staat mooi in een groep of in een border, waar de plant goed te combineren is met andere planten.  Bijvoorbeeld met Perovskia atriplicifolia ‘Blue Spire’  (Reuzenlavendel), Agastache (Dropplant), Nepeta (Kattenkruid) of Sedum spurium (Kruipend vetkruid). Niet in de schaduw van bomen of struiken plaatsen. De plant is geschikt voor open tuinen.

Bloei: van mei – september

Vruchten: de vruchten zijn ingedroogde bloemen met mooie zaaddozen.

Verzorging: de uitgebloeide stelen pas weghalen in maart. Verder heeft de plant weinig verzorging nodig. De plant is heel goed winterhard en kan wel tot 20 graden vorst verdragen. Kan veel droogte verdragen. Houdt echter niet van winternatte bodems.

Vermeerderen: zaaien, stekken of splitsen. De plant zaait zichzelf in de buurt van de moederplant uit en vormt mooie stekken die je kunt herplaatsen.

Plantafstand: 30 cm

~ Clarie

 

Kleurenexplosies in de Historische Kruidentuin – 12 juni 2020

Er staat al heel veel in bloei in de kruidentuin – en er komt nog veel meer aan, zoals de daglelies, de guldenroede, het boerenwormkruid, het kerriekruid en de crocosmia.

Het is moeilijk te zeggen wie de show steelt deze week, al valt de kardoen (die nog niet eens bloeit, dat komt ook nog) het meeste op door de hoogte die deze alweer bereikt heeft en daardoor de meeste opmerkingen krijgt van tuin bezoekers.

De phlomis heeft zich dit jaar enorm uitgebreid en staat er prachtig bij en het is ook een goed rozen jaar. De rozen hebben dit jaar nog wat extra aandacht gekregen, en dat is te zien.

We merken dat de bloemen regelmatig gefotografeerd worden. Heb je ook foto’s gemaakt? We vinden het leuk om deze te plaatsen.

~Clarie


Op de foto’s: 

sierui – roos – fuchsia – kokardebloem – papavers – phlomis – aalbes – leeuwenbek – pioenroos – kardoen – roos – scabiosa 

 

 

Bloemen zaaien in juni in de eetbare siertuin

Ook in juni kun je nog allerlei bloemen zaaien in je eetbare siertuin. In dit bericht een aantal bloemen die we in onze eetbare siertuinen zaaien. Uiteraard kun je nog veel meer zaaien in juni. Een aantal van deze planten zijn tweejarig, dat wil zeggen dat ze het eerste jaar een rozet vormen en het tweede jaar bloeien.

Zaaien in de volle grond in juni:

 

 

Experiment in de Hooghe Camp tuin: een lasagna heuvel voor pompoen en courgette

Een nieuw experiment in de Hooghe Camp tuin, in verband met de droogte die nu voor het 3e jaar toeslaat. We gaan uitproberen of courgette en pompoen baat hebben bij een heuveltje met twee lagen houtsnippers erin verwerkt. Het idee is dat de houtsnippers water langer vast houden en langzaam afgeven. Daarnaast verbetert het de grond door de toevoeging van plantaardig materiaal. De houtsnippers trekken ook veel bodemleven aan dat aan de slag gaat om de houtsnippers om te zetten in compost. Al met al een goede situatie voor de planten. We hebben hele zware klei in de tuin.

We doen er wel elk jaar biologische tuinaarde bij de tuinvakken, maar dat is maar een klein laagje en in sommige tuinvakken ligt er weinig van. Juist op zo’n plek hebben we nu een eerste lasagna-heuveltje aangelegd; Marijke vL en Patricia hebben geholpen bij de aanleg.

De stappen:

  1. een deel van het tuinvak afgraven. De aarde hebben we zolang naast het tuinvak gelegd op plastic doek.
  2. een eerste laag houtsnippers erin, ca. 2 vuilniszakken vol.
  3. de houtsnippers goed nat laten worden.
  4. een laag aarde terug scheppen.
  5. weer een laag houtsnippers erop, ca. 2 vuilniszakken vol en nat maken.
  6. weer een laagje aarde
  7. de gewenste planten erin zetten en aanvullen met de potgrond en de rest van de aarde.

We hebben ze er vandaag in gezet vanwege de weersverwachting: de komende dagen wordt eindelijk regen verwacht.

En nu afwachten of de planten willen floreren.

~ Clarie