Bekermalva, een prachtige eenjarige uit de kaasjeskruidfamilie

Op dit moment staat de bekermalva ofwel grootbloemige lavatera – Lavatera trimestris – in bloei in de Hooghe Camp tuin, in een verhoogde bak. Tenminste, nog wel, want de plant is over haar hoogtepunt heen. We kunnen de bloei wat verlengen door regelmatig de uitgebloeide bloemen eruit te halen.  De prachtige bloemen zijn behoorlijk groot en de plant bloeit rijk. De plant kan bloeien tot in september.

Deels willen we ook de zaden winnen van deze mooie plant, die zich dit jaar zelf al uitgezaaid had in deze bak. De oorspronkelijke biologische zaden zijn gekocht bij Buzzy Organic. Vanaf half april kan de plant uitgezaaid worden in de volle grond. Kiemt, groeit en bloei snel – je kunt daarom beter niet voor half april zaaien. Voorzaaien en half april uitplanten is ook een optie. Daarnaast is het mogelijk om zomerstekken te nemen.

De bekermalva houdt van een goed doorlaatbare bodem, en dat is in een grote plantenbak beter te realiseren dan in de vette IJsselsteinse klei. Ze staat op deze plek wel iets te veel op de wind, waardoor de plant geholpen moet worden om overeind te blijven. Het is een losse struik, die goed tot haar recht komt met stevige planten eromheen. Ik ga proberen om de bekermalva te zaaien bij de rode zonnehoed in een van de tuinvakken, eens kijken of ze het daar wil doen.

Bekermalva is een snijbloem en trekt bijen en vlinders aan. De plant kan makkelijk in een kuip staan en houdt van een zonnige plek. Bloemen uit de kaasjeskruid familie zijn eetbaar.

Hoogte: 100 tot 120 cm. De plant is niet winterhard maar omdat deze zichzelf uitzaait heb je waarschijnlijk toch het jaar erop weer bekermalva staan.

Bekermalva in de Hooghe Camp tuinIMG-20200623-WA0000

Mooi in lente, zomer en winter – Etagebloem ofwel Phlomis

Een prachtige, sterke en vrijwel onderhoudsvrije plant in de tuin is de Phlomis russeliana.  Vrijwel onderhoudsvrij omdat deze dichte pollen vormt die de bodem bedekken waar bijna geen plant tussendoor weet te komen. Alleen haagwinde ziet nog wel eens haar kans schoon. Ook weet de plant zich in zowel heel droge als heel koude omstandigheden te handhaven.Het is een vaste plant, en de oppervlakte die de plant inneemt wordt langzaam maar zeker groter. Toch is het geen woekeraar. Deze ruimte innemen duurt jaren. Wij hebben de plant nu voor 7de jaar staan, en pas dit jaar begint de plant wel erg uit te dijen en gaan we haar toch een beetje inperken.  De plant staat intussen al 7 jaar mooi & makkelijk te wezen in de kruidentuin en we hebben er weinig omkijken naar.

Alles aan de plant is mooi: het stevige, ruwe en tegelijkertijd mooie blad, de opvallende groeiwijze met de lange rechte stelen met etages met kransen van bloemen. In de bloei is de plant natuurlijk op haar mooist, maar ook als de bloemen uitvallen blijft er een mooie vrucht over. En zelfs in de winter, als de stelen bruin worden, blijven ze een prachtig silhouet geven. Het blad is wintergroen, wat ook fijn is om in die tijd nog groen in de tuin te hebben.  Het blad is behaard – hierdoor voorkomt de plant uitdroging. Op een natte plek is de beharing een nadeel voor de plant.

Phlomis is een goede bijenplant. Veel wilde bijen, hommels en vlinders halen er hun nectar en stuifmeel. De plant is daardoor ecologisch waardevol.

Nederlandse namen: Brandkruid of Etagebloem. De plant wordt ingedeeld bij de geurkruiden. In kruidenboeken is er niet heel veel over te vinden – de toepassingen als kruid zijn gering. Het is meer een sierplant.

Een ook mooie variant is de niet winterharde Phlomis fruticosa. Dit is een struikje met witte, viltige takken die 150 cm hoog worden met dichte kransen helder oranjegele bloemen. Ook zijn er paarsbloeiende planten zoals de Phlomis tuberosa.

83016112_1376945869170048_2935021499409023732_o 104200915_1376946265836675_5975837361097007516_o

104441533_1376946565836645_7315423019787312476_o

Opkweken

Hoogte: 80-100 cm

Standplaats: zonnig, doorlaatbare grond. Staat mooi in een groep of in een border, waar de plant goed te combineren is met andere planten.  Bijvoorbeeld met Perovskia atriplicifolia ‘Blue Spire’  (Reuzenlavendel), Agastache (Dropplant), Nepeta (Kattenkruid) of Sedum spurium (Kruipend vetkruid). Niet in de schaduw van bomen of struiken plaatsen. De plant is geschikt voor open tuinen.

Bloei: van mei – september

Vruchten: de vruchten zijn ingedroogde bloemen met mooie zaaddozen.

Verzorging: de uitgebloeide stelen pas weghalen in maart. Verder heeft de plant weinig verzorging nodig. De plant is heel goed winterhard en kan wel tot 20 graden vorst verdragen. Kan veel droogte verdragen. Houdt niet van winternatte bodems.

Vermeerderen: zaaien, stekken of splitsen. De plant zaait zichzelf in de buurt van de moederplant uit en vormt mooie stekken die je kunt herplaatsen.

Plantafstand: 30 cm

~ Clarie

 

Kleurenexplosies in de Historische Kruidentuin – 12 juni 2020

Er staat al heel veel in bloei in de kruidentuin – en er komt nog veel meer aan, zoals de daglelies, de guldenroede, het boerenwormkruid, het kerriekruid en de crocosmia.

Het is moeilijk te zeggen wie de show steelt deze week, al valt de kardoen (die nog niet eens bloeit, dat komt ook nog) het meeste op door de hoogte die deze alweer bereikt heeft en daardoor de meeste opmerkingen krijgt van tuin bezoekers.

De phlomis heeft zich dit jaar enorm uitgebreid en staat er prachtig bij en het is ook een goed rozen jaar. De rozen hebben dit jaar nog wat extra aandacht gekregen, en dat is te zien.

We merken dat de bloemen regelmatig gefotografeerd worden. Heb je ook foto’s gemaakt? We vinden het leuk om deze te plaatsen.

~Clarie


Op de foto’s: 

sierui – roos – fuchsia – kokardebloem – papavers – phlomis – aalbes – leeuwenbek – pioenroos – kardoen – roos – scabiosa 

 

 

Bloemen zaaien in juni in de eetbare siertuin

Ook in juni kun je nog allerlei bloemen zaaien in je eetbare siertuin. In dit bericht een aantal bloemen die we in onze eetbare siertuinen zaaien. Uiteraard kun je nog veel meer zaaien in juni. Een aantal van deze planten zijn tweejarig, dat wil zeggen dat ze het eerste jaar een rozet vormen en het tweede jaar bloeien.

Zaaien in de volle grond in juni:

 

 

Experiment in de Hooghe Camp tuin: een lasagna heuvel voor pompoen en courgette

Een nieuw experiment in de Hooghe Camp tuin, in verband met de droogte die nu voor het 3e jaar toeslaat. We gaan uitproberen of courgette en pompoen baat hebben bij een heuveltje met twee lagen houtsnippers erin verwerkt. Het idee is dat de houtsnippers water langer vast houden en langzaam afgeven. Daarnaast verbetert het de grond door de toevoeging van plantaardig materiaal. De houtsnippers trekken ook veel bodemleven aan dat aan de slag gaat om de houtsnippers om te zetten in compost. Al met al een goede situatie voor de planten. We hebben hele zware klei in de tuin.

We doen er wel elk jaar biologische tuinaarde bij de tuinvakken, maar dat is maar een klein laagje en in sommige tuinvakken ligt er weinig van. Juist op zo’n plek hebben we nu een eerste lasagna-heuveltje aangelegd; Marijke vL en Patricia hebben geholpen bij de aanleg.

De stappen:

  1. een deel van het tuinvak afgraven. De aarde hebben we zolang naast het tuinvak gelegd op plastic doek.
  2. een eerste laag houtsnippers erin, ca. 2 vuilniszakken vol.
  3. de houtsnippers goed nat laten worden.
  4. een laag aarde terug scheppen.
  5. weer een laag houtsnippers erop, ca. 2 vuilniszakken vol en nat maken.
  6. weer een laagje aarde
  7. de gewenste planten erin zetten en aanvullen met de potgrond en de rest van de aarde.

We hebben ze er vandaag in gezet vanwege de weersverwachting: de komende dagen wordt eindelijk regen verwacht.

En nu afwachten of de planten willen floreren.

~ Clarie

Nieuwe regenton erbij in De Hooghe Camp tuin

Voor de Hooghe Camp tuin hebben wij afgelopen week met wijkbudget een extra regenton van 250 liter mogen aanschaffen. Bewonersgroep Achterveld-Groenvliet heeft dit voor ons geregeld.

Hier zijn we natuurlijk erg blij mee – het maakt het water geven weer een stukje makkelijker. De middelste ton is de nieuwe regenton.

Nieuwkomer in de tuin: pompoen “Jack be Little” met kleine pompoentjes

afbeeldingen jack be littlePompoenen komen in soorten en maten. “Jack be Little”, de naam zegt het al, is een kleine pompoen. De dieporanje pompoentjes worden 10-12 cm groot. Ook de plant zelf wordt wat minder omvangrijk dan die van de ‘gewone’ pompoen al kan ze toch nog aardige ranken produceren. De pompoen is bruikbaar voor teelt in een (grote) pot en ook leuk in een kindertuin.

Het leuke is dat de plant, als het goed met haar gaat, wel zo’n 20 vruchten kan geven.  Dat is eigenlijk leuker dan een pompoenplant met maar een paar grote vruchten.

Dit jaar heb ik deze pompoen voor het eerst voor gezaaid met biologische zaden van Zaadhandel van der Wal en kunnen we deze stekken in mei de tuin in. De zaden komen in elk geval heel goed op en snel op. Hopelijk kunnen we in september & oktober de vruchten van plukken.

Zaaien en kweken
  • binnen: vanaf half april onder glas of binnenshuis. Tip: plaats de zaden verticaal, dan rotten ze minder snel.  Uitplanten na half mei, als het risico op vorst verdwenen is (de plant kan niet tegen vorst).
  • buiten: na half mei op de plaats, met een onderlinge afstand van een meter. Nadeel van buiten zaaien kan zijn is dat de pompoen niet van te natte grond houdt, dus als het veel regent is dat een probleem. Ook houden muizen en sommige vogels van de zaden, die ze opgraven. Het is dus wat veiliger om voor te zaaien.
  • vraagt voedzame en humusrijke grond. Het is aanbevolen om bij te mesten in juli, wanneer de vruchten gevormd gaan worden.
  • eventueel kan een pompoen op een composthoop of in een stapel houtsnippers  (met in het midden voldoen grond) gezet worden.
  • regelmatig water geven, maar niet te veel. Na het kiemen kan meer water gegeven worden en als de plant groter wordt moet er goed water gegeven worden.
  • de plant vormt een grote wortel die op diep niveau water kan zoeken en ook een breed, oppervlakkig wortelstelsel.
  • vanaf juli gaat de plant bloeien en vruchten vormen.
  • als er vruchten verschijnen dan is het handig om een vrucht op een steen te leggen, om rotting te voorkomen.
Oogst & gebruik

vanaf september kan er geoogst gaan worden. De pompoentjes zijn lekker van smaak en leuk om te vullen.

Jack be Little is een bewaarpompoen die lang houdbaar is.

Weetjes
  • Een pompoen kun je het beste plukken als deze echt rijp is; anders is de smaak niet optimaal.
  • Rijpheid kun je bepalen aan de hand van de kleur en hardheid van de pompoen. Een rijpe pompoen groeit al een tijdje niet meer, de kleur wordt intenser en tegelijkertijd doffer. De steel verkleurt van groen naar dor en wordt kurkachtig. Je kunt de vrucht niet meer indrukken.
  • De bloemen van een pompoen zijn eetbaar. Het is het beste om dan mannelijke bloemen te plukken, waar geen vruchtbeginsel te zien is. Het is jammer om de vrouwelijke bloemen te plukken (je ziet in de steel van de bloem een opbolling waar de vrucht gaat komen) als je ook pompoenen wilt hebben.
  • Pompoenpitten zijn ook eetbaar. Lekker om te roosteren en over een salade te strooien.
  • Pompoenen kunnen klimmen langs rekken – op die manier nemen ze minder ruimte in.

 

~ Clarie

 

 

Citroenmelisse – een heel gewoon kruid

Citroenmelisse (Melissa officinalis) is zo gewoon in de eetbare siertuin dat je haar bijna over het hoofd ziet. Ook al zie je haar al snel op meerdere plekken in de tuin 🙂 – ze weet zich via wortelstokken ondergronds te verspreiden. (Om die reden kan het een idee zijn om de plant in een pot te zetten). En dan nog zie je haar over het hoofd – ze heeft gewoon groen blad, niets spectaculairs en staat gewoon mooi groen te zijn. En als ze bloeit zijn de witte, gelige of rozige bloemetjes piepklein. De bloemetjes zijn eetbaar. Er is ook een goudbonte variant van de plant, Melissa officinalis aurea, die valt meer op.

Citroenmelisse is dan misschien geen ‘eye catcher’ in de tuin, ze is wel veelzijdig.  Zo is deze vaste, winterharde plant zoetgeurend en als de blaadjes gekneusd worden dan komt er een sterke citroengeur vrij.

De bloemen van cirtroenmelisse zijn heel aantrekkelijk voor bijen omdat ze veel nectar bevatten – imkers plaatsen de plant wel bij bijenkorven omdat het de honingbijen bij de korf houdt. Ze maken er bijzonder goede honing van.

Citroenmelisse is een oude bekende in de kruidentuin wereld. Al eeuwenlang wordt de plant voor medicinale en culinaire doeleinden gebruikt. De plant is door de Romeinen geïntroduceerd in West-Europa en is er gebleven. De plant was vaak te vinden in kloostertuinen.

Medicinale toepassingen:

  • heeft krampstillende, verzachtende en kalmerende eigenschappen en wordt daarom gebruikt voor kruidenthee die helpt te ontspannen en in slaap te vallen;
  •  geschikt om de concentratie te verbeteren en stress te verminderen;
  • heeft een gunstige werking op het spijsverteringsstelsel en onderdrukt allergische reacties;
  • heeft een opwekkende, verwarmende werking.

Cosmetische toepassingen:

  • wordt gebruikt bij het maken van parfum en toiletwater.

Culinaire toepassingen:

  • in onder andere vis- en kipgerechten, op smaak brengen van jam, desserts, zomerse dranken,  sausen, kruidenboters, of groente- of vruchtensalade (verse blaadjes geven er een frisse en sterke citroensmaak aan).  Ook lekker in combinatie met courgette, doperwten en komkommer. En past overal waar je een citroensmaakje aan toe wilt voegen.
    Citroenmelisse combineert heel goed met pepermunt.

    • Citroenmelissethee
      Snipper 1 theelepel vers citroenmelisse blad en 1 theelepel vers pepermunt blad. (Van gedroogd blad heb je maar de helft nodig).  Wil je de thee wat pittiger maken, voeg dan een theelepel rozemarijn toe. Doe dit in een kop heet (niet kokend) water en laat een paar minuten trekken. Goed voor een maag die van streek is en helpt om in slaap te komen.Een zachte smaakcombinatie: citroenmelisse met kamille en ananassalie.

Vermeerderen

Je kunt citroenmelisse vermeerderen door te zaaien, te scheuren of te stekken. Wat scheuren betreft: de plant vormt een dicht netwerk van wortels en kan daarom niet zo makkelijk gescheurd worden. De plant kan het beste gesplitst worden met een schop. Geef de plant wat ruimte als je deze in de tuin zet. Beste tijd om in de tuin te zetten: het voorjaar. Verder is het een heel makkelijke plant die aan een beetje zon al genoeg heeft.

Oogsten

Je kunt 2 of 3 keer oogsten in de zomer van het blad. Je kunt het beste de jonge bladeren van niet bloeiende stengels plukken, deze smaken het sterkst. Het blad is vers en gedroogd te gebruiken, al is vers het lekkerst. Knip vlak boven een zijscheutje. Je kunt vanaf begin mei oogsten tot juli. Daarna komt de plant in bloei en neemt het gehalte aan etherische olie af van stengels die in bloei staan en wordt de smaak flauwer.

Weetjes

  • Bij de 1e oogst zijn de blaadjes het grootst – bij iedere volgende oogst worden ze kleiner. Daarom is de 1e oogst het beste voor het drogen van het blad.
  • Melissa is de Griekse naam voor ‘bij’.
  • Knip uitgebloeide stengels terug als je de vorming van jonge scheuten wilt bevorderen – dan kun je blijven oogsten tot het najaar.
  • Knip in het vroege voorjaar alle dode stengels af.
  • Mooie combinaties in de tuin met citroenmelisse: afrikaantjes, marjolein en munt.
  • Voeg bij een culinaire toepassing citroenmelisse pas op het laatste moment toe, en wacht zo lang mogelijk met wassen en snijden. De kleur wordt anders snel minder mooi.
  • De latijnse toevoeging ‘officinalis’ verraadt dat de plant al vroeg tot de geneeskrachtige planten gerekend werd.
  • Bij het maken van een verhoogde kruidenspiraal, met stenen die warmte kunnen vasthouden, plaats je de kruiden in een volgorde die gunstig is voor de planten. De mediterrane kruiden tijm, rozemarijn en oregano plaats je bovenaan – het zonnigst en droogst. Kruiden die meer vocht kunnen hebben komen daaronder: bieslook, peterselie, basilicum en koriander. Aan de schaduwzijde van de spiraal kun je goed citroenmelisse en munt plaatsen.
  • Citroenmelisse kun je ook binnenshuis goed houden.

Literatuur

100 geneeskruiden, Melli Uyldert – p19

Elseviers groot kruidenboek, Wina Born – p87+88

Eten uit de volkstuin, Marleen van Es – p136

Koken met kruiden & bloemen, Pip McCormac, p14

Kruiden – zelf kweken, zoeken en gebruiken, Roger Philips & Nicky Foy – p133

Thee Tuin – zelf theeplanten kweken, oogsten en mengen, Modeste Herwig – p38+39

Zelfgemaakte bereidingen met geneeskrachtige kruiden, Anne McIntyre – p115 en bij heel aantal recepten

~ Clarie

 

Kunnen we straks Hibiscus thee zetten uit eigen tuinen?

Al een tijdje was ik op zoek naar de hibiscus plant waar je de echte hibiscus thee van kunt zetten. Jaren eerder had ik de vergissing gemaakt te denken dat deze thee komt van de Hibiscus syriacus en daar stekken van in de tuin gezet. Nu is dat wel een mooie plant, maar van de bloemen kun je geen hibiscus thee zetten.

Vorig jaar vond ik zaden van de ROSELLA Hibiscus sabdariffa bij Vreeken’s zaden. Dit is de echte!  Als je de bloemen droogt krijg je de wat zurige Hibiscus thee die ik heel lekker vindt. De thee is ook los te koop, maar uit eigen tuin is natuurlijk leuker.

Deze eenjarige plant blijkt nog veel meer eetbare toepassingen te hebben. Zo kunnen de jonge blaadjes en stengels gegeten worden als een kruidige, zurige variant op spinazie of als smaakmakers gebruikt worden in vis- en rijstgerechten. Dit laatste schijnt een gebruik te zijn in Senegal.

De bloemen zijn mooi om te zien en eetbaar en kunnen in salades of gebak gebruikt worden, met name de donkerrode kelk is smaakvol.

De vruchten die verschijnen na de bloei zijn ook mooi om te zien en ook hiervan kunnen drankjes gemaakt worden.

Volgens sommigen bloeit de plant pas in oktober, maar misschien met de huidige warme zomers wat eerder.

Het zaaien gaat alvast goed – vrijwel alle zaailingen komen op. Nu nog mooie plekken ervoor vinden en dan hopelijk straks bloemen & vruchten.

Zaaien

Maart-april binnen of mei-juni buiten. Kiemt makkelijk bij warmte. Houdt van doorlaatbare grond, zon en voldoende water.

Geef de plant 50×50 cm. De plant kan groot en hoog worden (150-175 cm). Kan ook in een (grote) pot.

Oogst

De plant bloeit laat in het seizoen, in ons land moet het daarvoor wel lang genoeg warm blijven. De vruchten die daarna verschijnen zijn ook waardevol. De plant is vorstgevoelig – zodra de vorst verschijnt is het afgelopen.

~ Clarie