Framboos – een topplant in een eetbare siertuin

Frambozen in een eetbare siertuin doen het altijd goed. Het is een inheemse, sterke plant die ook steeds nieuwe stekken vormt. Dat is ook weleens lastig, want hij moet een beetje in toom gehouden worden, maar vooral ook leuk omdat je gratis uitbreiding van de frambozen familie krijgt.

In de Hooghe Camp tuin staat mooie ‘rode herfst framboos, de Rubus idaeus ‘Autumn Bliss’ en gele herfst framboos ‘Fall Gold’.  De gele framboos smaak wat frisser maar ook wat ‘vlakker’. Daarnaast staat er nog wat zomerframboos.

Het handige van framboos is, is dat je deze op stahoogte kunt plukken. Je hoeft er niet voor te bukken, ze zijn makkelijk binnen handbereik.

Herfstframbozen:

  • standplaats: zon / halfzon
  • na 5 jaar is de plant volgroeid en ca. 2 meter hoog
  • bloeit juni-juli
  • oogst: augustus-oktober

Goede buren bij combinatieteelt:

  • FRAMBOOS en SMEERWORTEL (de smeerwortel kun je 4x per jaar snoeien en mulchen)
  • FRAMBOOS en GOUDSBLOEM

De herfstframbozen kunnen het beste na de oogst en bladafval (december) gesnoeid worden, tot aan de grond. In het voorjaar (februari-maart) is het goed om de frambozen uit te dunnen. Dun uit tot 12-15 mooie scheuten per lopende meter. Hierdoor krijg je een luchtiger en gezonder ras.

Zomerframbozen:

  • oogst: half juli-augustus
  • na de oogst snoeien, dan blijven de frambozen wel 10 jaar productief. Laat zo’n 6-8 mooi gevormde, gezonde stengels staan en knip het bovenste deel (vanaf 160 cm) eraf. De zwaarste stengels geven de hoogste productie.
  • 2e snoei in februari-maart

Weetjes

 

~ Clarie

 

Tuin Judaspenning – aantrekkelijke vlinder- en bijenplant

Tuin  Judaspenning

Lunaria annua

Tweejarige, inheemse  plant. Soort uit de kruisbloemenfamilie. Aantrekkelijk voor vlinders, zoals het oranjetipje. Bijenplant. De plant staat ook bekend om de mooie, doorschijnend parelmoerachtige tussenschotten van de hauwtjes met zaden.

  • Standplaats: zon of half-schaduw
  • Hoogte: 60-80 cm
  • Zaaien: in juni-juli
  • Bloeitijd: mei-juni

Vermeerdering: opkweken uit zaad. De plant zaait zich gemakkelijk uit.

Eetbaar:

de paarse bloemen zijn eetbaar.

Wilde cichorei –

Wilde cichorei

Scabiosa columbaria  

Cichorei is een prachtige tweejarige, inheemse plant met opvallende blauwe bloemen.

Staat in de top 100 van bijenplanten.

  • Standplaats: zonnig, liefst kalkrijk
  • Hoogte: 30-120 cm
  • Bloeitijd: juli-augustus
  • Zaaien: april – juli ter plaatse

De gemalen wortels werden, vooral in de negentiende eeuw en in de periode van de Tweede Wereldoorlog, als koffiesurrogaat gebruikt vanwege het hoge gehalte aan inuline.

De jonge cichoreibladeren hebben een licht bittere smaak en kunnen in het voorjaar worden gebruikt in salades. Ook kunnen ze gekookt worden gebruikt. Ook de bloeistengels kunnen gekookt gebruikt worden.

Medicinale eigenschappen.

Paarse morgenster – leuk in border met natuurlijke uitstraling

Paarse Morgenster

Tragopgon porrifolius

Tweejarig, inheems kruid. Groeit in het wild in graslanden en langs wegbermen en zijn redelijk zeldzaam. De grote bloemhoofden openen bij zonsopgang en sluiten in de middag. Kan gemakkelijk in de tuin worden gekweekt. Leuk in borders met een natuurlijke uitstraling.  Goede bijenplant.

Standplaats: in de zon.

Hoogte: tot 120 cm

Bloeitijd: juni-juli. Vormt daarna zaden in een grote pluizebol, die lijkt op die van een paardebloem maar dan groter.

Vermeerdering: opkweken uit zaad. Zaait zichzelf uit. Voorzaaien in maart-april of zaaien in de volle grond in mei-juni. De plant is tweejarig: het 1e jaar wordt een rozet gevormd, in het 2e jaar is de bloei.

Eetbaar

In de middeleeuwen werden de wortels, gekookt en met boter, gegeten op de manier van pastinaak. De jonge stelen werden net zo klaargemaakt als asperges. De wortels van de plant hebben een hoog inulinegehalte, wat ze heerlijk zoet maakt.  De paarse morgenster is een vergeten vergeten groente, een vergeten groente waarvan men niet meer weet dat het ooit een groente was.

 

Hemelsleutel – een fijne bijenplant

Hemelsleutel

Sedum telephium  

Meerjarige, inheemse plantensoort uit de vetplantenfamilie. De bovengrondse delen sterven in de winter af en komen in het voorjaar weer. In het wild een bermplant.

Bijenplant. Zit vaak in bijenmengsels met vaste planten.

  • Standplaats: voedselrijke, zanderige grond, niet te droog
  • Hoogte: 60 cm
  • Bloeitijd: juli-augustus-september
  • Zaaitijd:  bij voorkeur in nazomer of voorjaar

De zaden van deze koudekiemer moeten eerst vocht op kunnen nemen in een warme periode (2 tot 5 weken). Daarna doorbreekt een periode van kou (tussen +5 tot -5 °C) de kiemrust. De natuurlijke winteromstandigheden zijn meestal het meest effectief voor het doorbreken van de kiemrustperiode.

Ook makkelijk te delen via de wortelknollen.

Eetbaar:  niet eetbaar.

Medicinaal: samentrekkend, verwekkend, wondhelend en wondreinigend.

 

Wilde marjolein – een aromatische, inheemse vaste plant

Wilde marjolein

Origanum vulgare

Aromatische, vaste, inheemse plant. Aantrekkelijk voor vlinders en trekt bijen aan.

  • Standplaats: groeit makkelijk op elke grondsoort, houdt van een zonnige plaats
  • Hoogte: 30-60 cm
  • Zaaien:  mei-juli in de volle grond
  • Bloeitijd: juli- september

Vermeerdering: opkweken uit zaad of scheuren. De plant zaait zich gemakkelijk uit.

Marjolein heeft zowel culinair als medicinaal (antiseptische en kalmerende eigenschappen) een lange geschiedenis. Werd vroeger ook wel als strooikruid gebruikt, vanwege de aromatische geur.  Goed voor kruidenkussentjes en kruidenbaden. Combineert in de keuken goed met tijm en basilicum.

Wilde Marjolein is een indicatorplant – als je de plant in de natuur vindt dan weet je dat er kalk in de bodem zit.

Robertskruid – het stinkt, maar bijen komen erop af

Robertskruid

Geranium robertianum

Inheemse plant in Europa, een- of tweejarig. Te vinden in bijvoorbeeld bossen en onderbegroeiing. De plant ruikt onaangenaam, er wordt wel gezegd dat de geur helpt om muggen op een afstand te houden.

Bijen: wilde bijen en honingbijen komen er op af.

  • Standplaats: schaduwrijke, vochtig. Houdt van zanderige grond.
  • Hoogte: 30-50 cm
  • Bloeitijd: april-november, bloemrijk
  • Zaaitijd:  maart-april

Het mechanisme van zaadverspreiding bij Robertskruid is zeer opmerkelijk. Er ontstaat na bestuiving en bevruchting boven het vruchtbare bolvormige deel van het vruchtbeginsel een languitgegroeide snavel met een centrale spil, die nog verlengd is met de stijl met de stempels. De plant wordt daarom ook wel vogelbek genoemd. Wanneer nu de vrucht na rijping uitdroogt scheuren de repen (ook wel naalden genoemd) van de snavel met een deelvrucht los van de centrale middenzuil. Deze vruchten, in het geval van Robertskruid dopvruchten worden door de kracht van dat proces losgerukt en ze springen los en worden verspreid.

Eetbaar:  de bloemetjes en het blad zijn eetbaar (smaken bitter).

Medicinaal: de aloude toepassing bij diabetes is bevestigd door modern onderzoek, dat heeft bewezen dat de plant het bloedsuikergehalte verlaagd. Kan ook gebruikt worden om mee te spoelen of voor oogcompressen.

Look-zonder-look

Look-zonder-look

Alliaria petiolata 

Look-zonder-lookTweejarig, inheems kruid. De wortel ruikt sterk naar uien (look). Ook een gekneusd blaadje ruikt ernaar. De plant heeft echter geen ui maar wortels en hoort ook niet bij de ui familie maar bij de familie van de Brassicaceae, de kruisbloemigen.

Nectarplant voor vlinders.

  • Standplaats: houdt van vochtige, zandige grond en een schaduwrijke plek
  • Hoogte: 20-100 cm
  • Bloeitijd: april-juni
  • Zaaitijd:  mei-juli; zaden afdekken met dun laagje grond

Look-zonder-look is, net zoals judaspenning, pinksterbloem en damastbloem, een waardplant van het oranjetipje, een vlinder uit de familie van de witjes, waarvan het mannetje opvallende oranje uiteinden aan zijn vleugels heeft. Ook is het een waardplant voor het kleine koolwitje en het kleine geaderd witje. In april 2020 hebben wij een oranjetipje gespot in de Historische Kruidentuin. 

Groot koolwitje en look-zonder-look

Eetbaar:  het is een van de oudste keukenkruiden. In de middeleeuwen werd het als kruid gebruikt in plaats van knoflook of ui.

Het jonge blad is te gebruiken in lente- of zomersalades, pesto of kruidenboter. Ook de bloemetjes zijn eetbaar. Gekookt kan het jonge blad als smaakversterker gebruikt worden in omelet of quiche. Ouder blad wordt wat bitter. Gedroogd blad of zaad kan het hele jaar door gebruikt worden. Ook te gebruiken in sauzen of stoofpotten.  De zwarte zaden kun je na de bloei oogsten en kunnen ook als smaakmaker gebruikt worden.

Meer tips over wildplukken en de eetbaarheid

Look-zonder-look quiche

Medicinaal: werd inwendig onder andere gebruikt als zweetmiddel en bij waterzucht. Bij uitwendig gebruik kan hij de jeuk van insectenbeten verminderen.

Flora van Nederland met determinatie video

 

 

Kleine pimpernel – een sierlijke, vaste inheemse plant

Kleine pimpernel

Sanguisorba minor

Inheemse, vaste plant die op de rode lijst staat als kwetsbaar. Kruid. Hoort bij de rozenfamilie (Rosaceae). Kleine pimpernel is een echte windbestuiver en dat is in de Rozenfamilie een zeldzaamheid. Het is ook een zeldzame plantensoort die als kwetsbaar omschreven op de Rode lijst staat. Elegante, verfijnde plant om te zien.

  • Standplaats: zonnig, kalkrijke grond
  • Hoogte: 15-60 cm
  • Bloeitijd: mei-september
  • Zaaien: maart-april of juli-september

Eetbaar:

In Angelsaksische landen worden de jonge blaadjes ook gebruikt in salades. Ook werden de blaadjes in wijn gebruikt om de wijn smakelijker te maken. De bladeren van pimpernel kunnen zowel vers of gedroogd worden gebruikt. Pimpernel smaakt pittig, een beetje nootachtig en heeft een sterke komkommersmaak. (Niet goed om te gebruiken bij gal- of leverklachten).

Medicinaal: bloedstelpende eigenschappen.

Gewone Smeerwortel – een koningin van een plant

Gewone Smeerwortel

Symphytum officinale

Het is een inheemse plant die algemeen voorkomt. Vaak staat de plant in hogere graskanten, maar ook als solitair in de tuin is het een prachtige plant – een echte koningin.  Hommels zijn er gek op.

  • Standplaats: vochtige, humusrijke grond. Kan schaduw verdragen.
  • Hoogte: 40-80 cm
  • Bloeitijd: vanaf eind april – gedurende de zomer
  • Vermeerdering:  vertakt wortelstelsel – via scheuring. Zaait zichzelf uit.

Doordat smeerwortel diep wortelt kan ze van diep voedingsstoffen uit de bodem halen en deze opslaan in haar bladeren. In de composthoop is het daardoor een waardevolle plant. In tuinen wordt het blad vanwege de voedingsstoffen gebruikt om te mulchen en er wordt ook wel gier van gemaakt in tuinen die ecologisch werken.

Naast fruitstruiken is het een waardevolle plant omdat het kalium naar boven haalt.

Eetbaar:

In Engeland wordt het blad soms gefrituurd. De bloemen zijn eetbaar.

De soortnaam officinale geeft aan dat de plant al vroeg voor medicinale toepassingen gebruikt werd, met name de wortel. Vooral bij het genezen van huidwonden.

~ Clarie