Olijfkruid – voor geur in je tuin

Olijfkruid, Santolina, is een naar ingemaakte olijven geurend kruid. Het wordt ook wel Heiligenbloem genoemd. Er zijn diverse varianten, in onze tuinen staat de rosmarinifolia. Het is een aromatisch heestertje dat oorspronkelijk uit het Middelandse Zeegebied komt. Vaste plant die groen blijft in de winter.

Hoogte: 10-50 cm

Bloeitijd: juli – augustus met kleine, bolvormige, zachtgele bloemetjes

Standplaats: liefst zandgrond, zonnig. Kan goed tegen droogte en heeft een hekel aan natte voeten. Geschikt al bodembedekker of als haagje. Ook leuk in een pot of een kruidenspiraal.

Onderhoud

In het voorjaar flink snoeien.

Hoe meer wordt geoogst hoe bossiger en voller de plant wordt.

In de winter de voet bedekken met mulch.

Vermeerderen

Olijfkruid kun je delen en stekken.

Eetbaar

Heeft opwekkende en ontsmettende eigenschappen en werd daar vroeger vaak voor gebruikt. Culinair gezien kan er van het blad en jonge stengel goed pesto van gemaakt worden en kan het vers toegevoegd worden aan pasta’s en salades. Een paar steeltjes aan een glas prosecco toevoegen geeft een extra smaak. Gedroogd is het niet goed bruikbaar.

Van het blad en de bloemetjes kunnen kruidenzakjes gemaakt worden die insecten en motten weren.

Salie Hot Lips | Salvia microphylla

Salie “Hot Lips” is een leuke, vaste, struikvormige plant in de tuin. Op het eerste gezicht lijkt het geen salie, want het blad is veel kleiner. Het is een kleinbladige salie (microphylla duidt daarop in de naam). Het blad ruikt wel naar salie, en de blaadjes en bloemetjes zijn ook eetbaar.

Het meest opvallend aan de plant zijn de rood-witte bloemetjes die aan rode lippen doen denken – vandaar de naam “Hot Lips”. In het begin zijn de bloemetjes rood, na een tijdje komt de witte kleur erbij. De kleur verandert ook: als de nachten warm zijn dan worden de bloemen witter; worden de nachten weer kouder dan worden de bloemen weer roder.

Salie Hot Lips – oktober 2020 in de Historische Kruidentuin. Deze plant staat er voor het 1e jaar en is in dit jaar behoorlijk gegroeid en bloeit nog steeds.

Hoogte: 70-100 cm

Standplaats: goed doorlaatbare grond, zonnig

Bloeitijd: juni – oktober

In de winter

Hoewel het een vaste plant is, is ze niet heel winterhard en kan ze in de winter wel wat beschermen gebruiken door er bijvoorbeeld dennentakken omheen te leggen. De plant is half wintergroen. Het is beter om in de winter de uitgebloeide stengels te laten staan – dat biedt nog wat bescherming in de winter.

Snoeien

Salie “Hot Lips” kan het beste in het voorjaar gesnoeid worden, als de nieuwe groei zichtbaar is rond half april. Knip dan de stengels tot net boven de nieuwe groei terug. Dan blijft de plant compacter.

Vermeerderen

De plant kan makkelijk gestekt worden. Knip daarvoor een klein takje van ca. 7-10 cm af en verwijder het blad behalve de bovenste 3-5 blaadjes. Doop het takje eventueel in wat stekpoeder en plaats het dan in een potje met potgrond en geef water. Eventueel kun je er een plastic zakje omheen doen om uitdroging tegen te gaan. Check elke dag even of het stekje niet te droog staat. Na een tijdje zal het stekje wortelen – dan verschijnen er nieuwe blaadjes en weet je dat het stekken gelukt is.

Franse dragon, een van de fijne franse kruiden

Franse dragon

Artemisia dracunculus ‘Sativa’

Franse dragon in de Hooghe Camp tuin, augustus 2020

 

Franse dragon is een aromatisch kruid, in tegenstelling tot de russische dragon, die wel makkelijker te kweken is. Het is een vast plant, maar wel wat vorstgevoelig. Na 3-4 jaar de plant verplaatsen.

De plant houdt van voedselrijke grond. Een zonnige plek is wenselijk. Franse dragon houdt niet van natte voeten. Goede buren in de tuin: lavas en salie.

  • Hoogte: 90-110 cm
  • Oogsttijd: van mei-oktober
  • Vermeerdering: in ons land produceert de plant geen zaad. Vermeerderen door stekken of scheuren kan wel (vanaf 21 maart – juni).

In Frankrijk valt (franse) dragon onder de ‘fine herbs’, samen met kervel, peterselie en bieslook.

Eetbaar:

Het blad is eetbaar en heel aromatisch. Het kan vers toegevoegd worden aan salades, kruidenazijn, kruidenboter en bij het inmaken van augurken. Verder passen de blaadjes goed bij gevogelte, bij vis- en vleesragouts, champignons en in sauzen bij wild en gemarineerd, gebraden vlees. Drogen kan ook, dan verliest het iets aan smaak.